Augustinus, die Punische pamflettist

Die Punische pamflettist 
Catharine Conybeare, ‘Augustinus de Afrikaan’ Utrecht 2021

‘Die Punische pamflettist.’ De jonge Julianus schrijft deze woorden in een van zijn vele brieven aan Augustinus. Augustinus en hij zijn in een zwaar dispuut beland over het pelagianisme. En dan is dispuut nog een beschaafd woord voor de obsessieve wijze van communiceren en het elkaar zwart maken.
De discussie met Julianus is de laatste felle en vaak venijnige briefwisseling van Augustinus. Vele disputen gaan daaraan vooraf met vooraanstaande christenen die simpelweg anders denken dan Augustinus. Zij wonen voornamelijk in Afrika, maar deels ook daarbuiten. Augustinus strijdt al vanaf zijn indrukwekkende bekering en doop voor een orthodox christendom geleid door een romeins gezag. Hij gaat daarbij zelfs over lijken.
Nee, Augustinus was geen invoelende kerkvader met zijn veroordelingen van het manicheisme, het donatisme, het pelagianisme en het arianisme.

In ‘Augustinus de Afrikaan’ leren we een totaal andere man kennen als dat we gewend zijn van deze heilige kerkvader. De latere kerk heeft hem ‘geëuropeaniseerd’ maar hij was een Afrikaan en leefde in Noord Afrika. Zondermeer blijft hij wel een van de mensen die het erfgoed van het Romeinse Rijk en de leerstellingen van het christendom mee heeft vormgegeven, ondanks of wellicht dankzij dat in het Afrika waar hij leefde vooral tweespalt en onrust heerste.
Augustinus was in die roerige tijden geen makkelijke man en had een ingewikkelde persoonlijkheid. Hij worstelde met zijn Afrikaanse roots en zijn Romeinse opvattingen. Hij worstelde met zijn (in zijn ogen eenvoudige) Afrikaanse afkomst in relatie tot de Romeinse aristocratie waar hij zich mee wilde meten. Hij worstelde met zijn wreed afgebroken vaderschap. Hij worstelde met de vele onderlinge spanningen in het Afrika van zijn tijd. Hij was toch ook Afrikaan en nog een gerenommeerde ook, waarom luisterden ze niet naar hem?

Hij bleef zijn lange leven worstelen met zijn levenswerk: begrijpen wat het orthodoxe christendom werkelijk inhield. Scherpzinnig en krachtig gooide hij steeds zijn opvatting in de ring. In zijn ogen had hij immers gelijk op gesteund door ‘Gods Woord’ en was hij dus altijd de overwinnaar. Hij maakte daarbij gebruik van vele middelen waarbij hij zijn tegenstanders lang niet altijd heus bejegende. Dat deden zijn tegenstanders zelf overigens ook niet. Regelmatig bespotten ze hem vanwege zijn Afrikaanse afkomst of probeerde hem een hak te zetten met verwijzingen naar zijn vroegere leven.

In het boek leer je een man kennen die door alle tegenstand verhardde in zijn meningen. De opkomende christelijke kerk heeft van een aantal van die meningen handig gebruik gemaakt en zo heeft hij zeker het orthodoxe karakter van het katholicisme beïnvloed. Maar zijn werkelijke leven was een voortdurend overdenken van ‘Gods Woord’, het worstelen met zijn persoonlijke emoties en het verwerken van zijn vroegere leven. Daardoor is hij wel nogal stringent over de noodzaak van strakke regels binnen de kerk gaan denken. 
Het lezen van dit fantastische boek heeft mij bevestigd in mijn vermoeden dat de werken van Augustinus de kerk orthodoxer hebben gemaakt dan voor een gelovige nodig is. Het boek maakt van de afstandelijke filosofische en theologische kerkvader een man van vlees en bloed met een bijzondere levensgeschiedenis waardoor je hem beter leert begrijpen.
Een must voor iedereen die denkt Augustijns te denken.

Hubert Hendriks; h.hendriks@dieflegel.nl  

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *